Adelaide-Rosella

 

NL                :       Adelaide-Rosella     
Lat               :       Platycercus adelaidae
Eng              :       Adelaide Rosella
Du               :       Adelaidesittich

Lengte         :       ca 36 cm
Gewicht      :        gram   
Herkomst    :        Australië
Cites 
♀               :      
♂               :        kop en snavel zijn grover
 

Ondersoorten:
Platycercus adelaidae) Gould, 1841
Platycercus adelaidae subadelaidae) Mathews, 1912
 

Kenmerken:
algemeen      :   overwegend rood, maar soms ook veelkleurig
voorhoofd     :
    rood 
schedel         :
    rood 
nek               :
   rood 
iris               :
   donkerbruin
om de ogen  :
   .
snavel          :
   blauw/grijs
wangen       :
   blauw
keel             :
   blauw
vleugels       :
   geel/groen met zwarte vlekken
boog            :  
.
draagveren  :  
blauw
rug              :
   rood 
borst           :   rood 
buik            :
   rood 
staart          :
   stuit is rood, rest blauw
poten          :
  
bruin
ringmaat     :   4 mm (12 dagen)

 

eieren             :    4-8
broedtijd         :    20 dagen
uit nest           :    30-35 dagen
zelfstandig      :    50 dagen
op kleur         :     1
tot 1 1/2 jaar
broedrijp        :    1 jaar
leeftijd           :
     30 jaar

broedblok       :    lbh 25 x 25 x 50 cm invlieggat 7 cm
nestmateriaal  :   houtsnippers, turfmolm (vochtig)

 

 

 

Algemeen:
De adelaide rosella lijkt heel sterk op de pennant rosella.
 Buiten de paartijd leven de vogels in kleine groepjes van 10 tot 20 vogels waarbinnen vaak verschillende soorten samenleven.
Soms vormen zich groepen van 100 vogels.
Zodra de paartijd begint trekken de koppeltjes zich terug en dan kunnen ze hun territorium fel verdedigen tegen soortgenoten.
De Adelaide rosella is een mooie stevige vogel met een enorme kleurenpracht.
De vogel is aardig actief maar ook flink agressief naar zijn soortgenoten.
In een grote volière is de vogel wel met andere papegaaiachtigen te houden.
Met warm weer neemt de vogel graag dagelijks een bad.

Huiskamer:
De vogel kan solitair in de huiskamer gehouden worden ofschoon ze niet echt uitgesproken geschikt is om solitair te houden.
Ze hebben relatief veel aandacht nodig en moeten royaal voorzien worden van knaag en speelmateriaal.
Laat de vogel regelmatig uit de kooi.
De vogel is goed tam te maken en is leergierig, is een uitstekende fluiter en kan zelfs een paarwoordjes leren spreken.
Ze worden niet zo graag geknuffeld en geaaid worden en willen dan soms gaan bijten.

geluid:
prettig fluitend geluid


Slopen:
Het zijn echte knagers en slopen graag.
Zorg voor voldoende knaaghout als wilgentakken.

Voeding:
In het wild: vruchten noten, zaden, bloemen en insecten
In gevangenschap: grof zaadmengsel, pellets, eivoer, noten, fruit, groenten en met de pot mee-eten
Tijdens broed: 50% van het voer is eivoer.

Geslachtsbepaling:
- man heeft een grovere kop en een grotere snavel

Kweek:
De vogel (met name de man) is vrij agressief naar andere vogels, geen koloniebroed.
Er worden uitstekende broedresultaten mee behaald.
Man helpt bij het voeden.
Een ruime volière lbh 3 x 0,8 x 2 mtr zou ideaal zijn.
De Adelaide rosella is winterhard, maar heeft wel een vorstvrij nachthok nodig.
De vogel scharrelt graag over de boden, wees alert op wormen!

Mutaties:
cinamon, wilkleur